Poetry International Poetry International
Poem

Ada Limón

THE END OF POETRY

HET EINDE VAN DE POËZIE

Genoeg van beenderen en matkopmees en zonnebloem
en sneeuwschoenen, esdoorn en zaden, scheuten en samaras,
genoeg chiaroscuro, genoeg van der en profetie
en de onverzettelijke boer en geloof en onze vader en ’k heb
u lief, genoeg van boezem en bloemknop, huid en god
vergeet niet en sterrenlichamen en bevroren vogels,
genoeg van de wil om door te gaan en niet door te gaan of dat
een bepaald licht een bepaald effect heeft, genoeg
van het knielen en het opstaan en de blik
naar binnen en de blik omhoog, genoeg van het geweer,
het drama, en de zelfmoord van de bekende, de lang verloren
brief op het dressoir, genoeg van het verlangen en
het ego en het uitwissen van ego, genoeg
van de moeder en het kind en de vader en het kind
en genoeg van het wijzen naar de wereld, zwaarmoedig
en wanhopig, genoeg van het gruwelijke en de grens,
genoeg van kun je me zien, kun je me horen, genoeg
ik ben een mens, genoeg ik ben alleen en ik ben radeloos,
genoeg van het dier dat me redt, genoeg van het hoge
water, genoeg verdriet, genoeg van de lucht die rustig maakt,
ik vraag of je me aanraakt.

THE END OF POETRY

Enough of osseous and chickadee and sunflower
and snowshoes, maple and seeds, samara and shoot,
enough chiaroscuro, enough of thus and prophecy
and the stoic farmer and faith and our father and tis
of thee, enough of bosom and bud, skin and god
not forgetting and star bodies and frozen birds,
enough of the will to go on and not go on or how
a certain light does a certain thing, enough
of the kneeling and the rising and the looking
inward and the looking up, enough of the gun,
the drama, and the acquaintance’s suicide, the long-lost
letter on the dresser, enough of the longing and
the ego and the obliteration of ego, enough
of the mother and the child and the father and the child
and enough of the pointing to the world, weary
and desperate, enough of the brutal and the border,
enough of can you see me, can you hear me, enough
I am human, enough I am alone and I am desperate,
enough of the animal saving me, enough of the high
water, enough sorrow, enough of the air and its ease,
I am asking you to touch me.

Close

THE END OF POETRY

Enough of osseous and chickadee and sunflower
and snowshoes, maple and seeds, samara and shoot,
enough chiaroscuro, enough of thus and prophecy
and the stoic farmer and faith and our father and tis
of thee, enough of bosom and bud, skin and god
not forgetting and star bodies and frozen birds,
enough of the will to go on and not go on or how
a certain light does a certain thing, enough
of the kneeling and the rising and the looking
inward and the looking up, enough of the gun,
the drama, and the acquaintance’s suicide, the long-lost
letter on the dresser, enough of the longing and
the ego and the obliteration of ego, enough
of the mother and the child and the father and the child
and enough of the pointing to the world, weary
and desperate, enough of the brutal and the border,
enough of can you see me, can you hear me, enough
I am human, enough I am alone and I am desperate,
enough of the animal saving me, enough of the high
water, enough sorrow, enough of the air and its ease,
I am asking you to touch me.

THE END OF POETRY

Sponsors
Gemeente Rotterdam
Nederlands Letterenfonds
Stichting Van Beuningen Peterich-fonds
Prins Bernhard cultuurfonds
Lira fonds
Versopolis
J.E. Jurriaanse
Gefinancierd door de Europese Unie
Elise Mathilde Fonds
Stichting Verzameling van Wijngaarden-Boot
Veerhuis
VDM
Partners
LantarenVenster – Verhalenhuis Belvédère