Poetry International Poetry International
Gedicht

Ellen Deckwitz

GENES ECHOING

In the beginning there were genes whispering in me.
Ensuring my mother was able to
assemble me without a manual.
Neither of us had any idea how to attach an umbilical cord,
it just happened to us, and it happened to be right!

In the beginning there were voices singing through me.
Like bats using the echoes of their screeches
to locate the wall, there were echoes
through which I could understand family, could locate home.

In the beginning there were echoes handing down the past.
Tales of a piece by Liszt my grandmother had learned
by heart as a small girl living in the tropics. Sweaty fingers on ivory,
the monsoon sometimes drowning out the metronome,
playing day after day until the notes had been ingrained and the music persevered
despite the years spent in the camps. Later, when it was all over,
she positioned her fingers on the keys. Flawlessly Liszt poured out. Every note,
every transition, acceleration, deceleration, but omitting the middle part.

She said the hunger was so great during the war that her head
had eaten her memory of the middle part.

I believe the music was simply beaten out of her.
The funny thing with beatings is you very rarely get them
for what you did, and very often because of people you’ve never met.

My grandmother laughs ever more loudly for eating Liszt, loud enough
for the bats to find their way along the rock wall. Echo and source drift further apart,
there are voices that keep whispering.

In the beginning her nose was straight, in the beginning the middle was whole.

And sometimes someone will bump into me and I have to stop myself
from punching him.

And sometimes the sun shines
and my fingers start trembling.

I think it’s genes echoing.

DE ECHO VAN GENEN

DE ECHO VAN GENEN

In den beginne waren er genen die in me fluisterden.
Die ervoor zorgden dat mijn moeder
me zonder handleiding in elkaar kon zetten.
We hadden allebei geen idee hoe we een navelstreng moesten aansluiten,
het overkwam ons gewoon, en het ging ook nog eens goed!

In den beginne waren er stemmen die in me doorzongen.
Net zoals vleermuizen de weerkaatsing van hun kreetjes gebruiken
om te weten waar de wand is, waren er weerkaatsingen
waardoor ik wist wat familie was, waar thuis was.

In den beginne waren er echo’s die het verleden overleverden.
Vertelden over een stuk van Liszt dat mijn grootmoeder uit haar hoofd
had geleerd toen ze als meisje in de tropen woonde. Zwetende vingers op ivoor,
de moesson overstemde soms de metronoom,

dagelijks herhalen tot de tonen waren ingesleten en de muziek beklijfde
ondanks de jaren die ze in de kampen doorbracht. Toen alles weer achter de rug was,
legde ze haar vingers op de toetsen. Liszt stroomde er foutloos uit. Iedere noot,
iedere overgang, versnelling, vertraging, alleen het middenstuk ontbrak.

Ze zei dat ze in de oorlog zoveel honger had dat haar hoofd
de herinnering aan het midden had opgegeten.

Zelf denk ik dat de muziek er gewoon uit was geslagen.
Het grappige aan klappen is trouwens dat je ze zelden krijgt om iets
wat je deed, veel vaker om mensen die je nooit hebt gekend.

Mijn oma lacht steeds harder omdat ze Liszt opat, zo hard dat de vleermuizen
hun weg vinden langs rotswanden. De afstand tussen echo en bron neemt toe,
Er zijn stemmen die maar doorfluisteren.

In den beginne was haar neus nog recht, in den beginne was het midden nog heel.

En soms botst er iemand tegen me op en moet ik me inhouden
om hem niet te hoeken.

En soms schijnt de zon
en beginnen mijn vingers te trillen.

Ik denk dat dat de echo van genen is.
Close

DE ECHO VAN GENEN

In den beginne waren er genen die in me fluisterden.
Die ervoor zorgden dat mijn moeder
me zonder handleiding in elkaar kon zetten.
We hadden allebei geen idee hoe we een navelstreng moesten aansluiten,
het overkwam ons gewoon, en het ging ook nog eens goed!

In den beginne waren er stemmen die in me doorzongen.
Net zoals vleermuizen de weerkaatsing van hun kreetjes gebruiken
om te weten waar de wand is, waren er weerkaatsingen
waardoor ik wist wat familie was, waar thuis was.

In den beginne waren er echo’s die het verleden overleverden.
Vertelden over een stuk van Liszt dat mijn grootmoeder uit haar hoofd
had geleerd toen ze als meisje in de tropen woonde. Zwetende vingers op ivoor,
de moesson overstemde soms de metronoom,

dagelijks herhalen tot de tonen waren ingesleten en de muziek beklijfde
ondanks de jaren die ze in de kampen doorbracht. Toen alles weer achter de rug was,
legde ze haar vingers op de toetsen. Liszt stroomde er foutloos uit. Iedere noot,
iedere overgang, versnelling, vertraging, alleen het middenstuk ontbrak.

Ze zei dat ze in de oorlog zoveel honger had dat haar hoofd
de herinnering aan het midden had opgegeten.

Zelf denk ik dat de muziek er gewoon uit was geslagen.
Het grappige aan klappen is trouwens dat je ze zelden krijgt om iets
wat je deed, veel vaker om mensen die je nooit hebt gekend.

Mijn oma lacht steeds harder omdat ze Liszt opat, zo hard dat de vleermuizen
hun weg vinden langs rotswanden. De afstand tussen echo en bron neemt toe,
Er zijn stemmen die maar doorfluisteren.

In den beginne was haar neus nog recht, in den beginne was het midden nog heel.

En soms botst er iemand tegen me op en moet ik me inhouden
om hem niet te hoeken.

En soms schijnt de zon
en beginnen mijn vingers te trillen.

Ik denk dat dat de echo van genen is.

GENES ECHOING

In the beginning there were genes whispering in me.
Ensuring my mother was able to
assemble me without a manual.
Neither of us had any idea how to attach an umbilical cord,
it just happened to us, and it happened to be right!

In the beginning there were voices singing through me.
Like bats using the echoes of their screeches
to locate the wall, there were echoes
through which I could understand family, could locate home.

In the beginning there were echoes handing down the past.
Tales of a piece by Liszt my grandmother had learned
by heart as a small girl living in the tropics. Sweaty fingers on ivory,
the monsoon sometimes drowning out the metronome,
playing day after day until the notes had been ingrained and the music persevered
despite the years spent in the camps. Later, when it was all over,
she positioned her fingers on the keys. Flawlessly Liszt poured out. Every note,
every transition, acceleration, deceleration, but omitting the middle part.

She said the hunger was so great during the war that her head
had eaten her memory of the middle part.

I believe the music was simply beaten out of her.
The funny thing with beatings is you very rarely get them
for what you did, and very often because of people you’ve never met.

My grandmother laughs ever more loudly for eating Liszt, loud enough
for the bats to find their way along the rock wall. Echo and source drift further apart,
there are voices that keep whispering.

In the beginning her nose was straight, in the beginning the middle was whole.

And sometimes someone will bump into me and I have to stop myself
from punching him.

And sometimes the sun shines
and my fingers start trembling.

I think it’s genes echoing.
Sponsors
Gemeente Rotterdam
Nederlands Letterenfonds
Stichting Van Beuningen Peterich-fonds
Ludo Pieters Gastschrijver Fonds
Hendrik Muller fonds
Lira fonds
J.E. Jurriaanse
Literature Translation Institute of Korea
Partners
LantarenVenster – Verhalenhuis Belvédère