Poetry International Poetry International
Gedicht

Theophilus Kwek

KONG

KONG

i.m. Emile George Zeimes, ‘King Kong’
(geb. Hongarije, 1909; gest. Singapore, 1970)

 

Ze noemden hem King. Andere namen volgden –

Samson, Hercules – maar deze bleef, een naam

die hij door de lucht kon zwieren onder luid gejuich,

één met een eigen gewichtsklasse. Niet langer Emile;

ze beefden van de plof als hij de mat op liep,

korte metten maakte met de rest (Tiger Ahmad,

Gorilla Wong…), heel de Great World ging

overeind staan. Zelfs Wildcat Hassan, die in ’47

tegenover de ster van de Britse basis had gestaan,

was kansloos: iedereen wist dat de ring behoorde

aan de jongen uit Boedapest met de brute handen.

Achter de schermen werd een nieuwe wereld geschapen

in de scherpe schaduwen van die stadionlampen,

iedere greep en worp een echo van de houvast van

de nacht, die stellig de ochtend in slipte. Tegen de tijd

dat hij aankwam in si-pai-por, gered uit de stalen

grip van een auto, zijn eigen knoestige vingers verslapt,

had het hem bekende rijk de titel vergeven aan een ander.

Een nette omslag, het gebeurde vlak voor zijn ogen.

Jaren later zeiden ze dat ze ’t niet aan zagen komen.

KONG

i.m. Emile George Zeimes, ‘King Kong’
b. Hungary, 1909; d. Singapore, 1970)

 

They called him King. Other names came later –

Samson, Hercules – but this one stuck, a name

he could twirl overhead as the crowd cheered,

one with its own weight class. No longer Emile,

they trembled at the thud as he took the stage,

made short work of the others (Tiger Ahmad,

Gorilla Wong…), the whole Great World rising

to their feet. Even Wildcat Hassan, who in ’47

had gone up against the star of the British base

was no match: everyone knew the ring belonged

to the boy from Budapest with the brazen hands.

Backstage, another world was being formed

in the sharp shadows of those stadium lamps,

each lock and throw an echo of the long night’s 

hold, slipping surely into morning. By the time

he wound up at si-pai-por, pulled from a car’s

steel grip, his own gnarled fingers loosening,

the realm he knew had ceded title to another.

A clean flip, it happened right before his eyes.

Years later they said they hadn’t seen it coming.

Close

KONG

i.m. Emile George Zeimes, ‘King Kong’
(geb. Hongarije, 1909; gest. Singapore, 1970)

 

Ze noemden hem King. Andere namen volgden –

Samson, Hercules – maar deze bleef, een naam

die hij door de lucht kon zwieren onder luid gejuich,

één met een eigen gewichtsklasse. Niet langer Emile;

ze beefden van de plof als hij de mat op liep,

korte metten maakte met de rest (Tiger Ahmad,

Gorilla Wong…), heel de Great World ging

overeind staan. Zelfs Wildcat Hassan, die in ’47

tegenover de ster van de Britse basis had gestaan,

was kansloos: iedereen wist dat de ring behoorde

aan de jongen uit Boedapest met de brute handen.

Achter de schermen werd een nieuwe wereld geschapen

in de scherpe schaduwen van die stadionlampen,

iedere greep en worp een echo van de houvast van

de nacht, die stellig de ochtend in slipte. Tegen de tijd

dat hij aankwam in si-pai-por, gered uit de stalen

grip van een auto, zijn eigen knoestige vingers verslapt,

had het hem bekende rijk de titel vergeven aan een ander.

Een nette omslag, het gebeurde vlak voor zijn ogen.

Jaren later zeiden ze dat ze ’t niet aan zagen komen.

KONG

Sponsors
Gemeente Rotterdam
Nederlands Letterenfonds
Stichting Van Beuningen Peterich-fonds
Prins Bernhard cultuurfonds
Lira fonds
Versopolis
J.E. Jurriaanse
Gefinancierd door de Europese Unie
Elise Mathilde Fonds
Stichting Verzameling van Wijngaarden-Boot
Veerhuis
VDM
Partners
LantarenVenster – Verhalenhuis Belvédère